Banen tellen

Als je lange afstanden zwemt in een binnenbad is het lastig om de tel bij te houden. Je bent lekker in gedachte en dan komt de twijfel: zit ik nou op 600 of 650 meter? Moet ik nu nog twee banen of ben ik er al? Daarom hierbij wat tips om banen tellen makkelijker te maken.

Met behulp van de techniek

Er bestaan gewoon technische oplossingen voor dit vraagstuk. Zelf banen tellen is dan niet nodig. Het summum: een zwembad waar een mylaps voorziening is. Je zwemt met een chip en het systeem telt je banen (en tussentijden). Ook sporthorloges met een speciale zwemfunctie kunnen de banen voor je tellen. Je kunt instellen om de hoeveel meter ze een signaal moeten geven, of gewoon na afloop zien hoeveel banen het waren. En ze voelen welke slag je zwemt. Thuis kun je alles uitlezen in grafieken. Het beste zwemhorloge? Vul je criteria in en krijg een advies over het horloge dat het best bij jou past. NIet goedkoop, maar al wel op de markt: een slimme zwembril waarop in het glas staat hoeveel banen je hebt gezwommen (en nog veel meer data).

Iets minder geavanceerd, maar toch onder het kopje techniek valt de swim-lap counter. Een klein waterdicht tellertje dat je om je wijsvinger schuift en al zwemmend met je duim kunt bedienen.

Varieer de opdracht 

In plaats van 1 kilometer (40 dezelfde banen), kun je ook 1 kilometer zwemmen, waarbij je 7 banen op 70% zwemt en elke achtste baan op 80%. Zo breek je de 40 banen in gedachte op in 5 keer 8 banen en dat is makkelijker bijhouden.

Als je toch zwemt, meteen nuttig bezig zijn

Als je toch lange afstand zwemt, kun je tegelijk ook wel wat aan je techniek doen. Neem vier techniekpunten waar jij baat bij hebt, en prent die in je hoofd. Bijvoorbeeld:

  • Overhaal met hoge elleboog
  • Voor m’n schouder insteken
  • Vroege catch
  • Uitduwen tot m’n bovenbeen

Het is handig wanneer je iets neemt op een logische volgorde, zwemmers herkennen in bovenstaand rijtje opeenvolgende stappen van de armslag.

Als je 800 meter zwemt en je maakt er 2 * (4 keer 100 met techniekopdracht) van, kun je bijna niet meer mis tellen.

Voor interval setjes: speel met lego

Zwem je interval setjes met veel herhalingen (bijvoorbeeld 30 keer 100), dan kun je het volgende doen: Neem een bakje met 30 legosteentjes mee. Leg de legosteentjes op de rand van het zwembad en na elke 100 meter gooi je er één in het bakje. Kant leeg = doel bereikt.

Voor interval setjes, gebruik de klok

Je kunt gebruik maken van de gewone klok in het zwembad bij het banen tellen. Zwem je bijvoorbeeld 24 keer 50 meter, start elke minuut, dan is het makkelijk om te kijken hoe laat je de eerste start. Als je een minuut aanhoud als starttijd, dan weet je dat je 24 minuten later klaar bent.

Heb je een andere starttijd, dan kun je de klok met secondewijzers inzetten. Voor zo’n zelfde 24 keer 50 meter, maar dan met starttijd 55 seconden, doe je dit als volgt. De eerste start je op 00. De tweede wanneer de klok op 55 springt en de derde wanneer de klok op 50 springt etc. Dan weet je dat je er 12 kunt doen voordat je weer bij 00 bent. Twee keer de klok rond en dan heb je er 24.

Houd je hoofd erbij

Voer trucjes uit om je hoofd erbij te houden. Bijvoorbeeld 500 meter (20 banen)

  • kun je tellen als 1 t/m 10 en dan weer 1 t/m 10. (of 4 keer tot 5 als je dat handiger vindt)
  • Of tel 10 banen heen en 10 banen terug, aftellen motiveert!
  • Of bereken hoeveel procent je hebt gezwommen. Na 2 banen heb je 10% erop zitten, na 4 banen 20%, na 5 banen 25% etc. Alles om je bij het tellen te houden.
  • Of tel een keer niet in banen, maar in letters. Twintig banen is tot de T. Als je bezig gehouden wilt worden kun je ook nog per baan woorden verzinnen met die letters.
  • Wen jezelf aan om bij elk keerpunt het baannummer in je hoofd te zeggen.

Beweeg door het zwembad

Alleen mogelijk als je de ruimte hebt in het zwembad. Stel, je wilt 500 meter zwemmen. Als je elke 100 meter van baan verandert en start op baan 5, dan weet je op baan 1 wanneer je klaar bent.

Variatie als je zelf niet kunt opschuiven, laat dan iets anders bewegen: neem je bidon, zet hem op de kant op het eerste tegeltje, en schuif hem elke 100 meter een tegeltje verder.

Reacties
  • Edith
    Beantwoorden

    Ik gebruik 2 elastiekjes om me vingers. Elke keer als ik in het ondiepe ben gaat ie 1 vinger verder op me linker hand en waneer ik bij elke 5 banen gaat de op de rechter ook 1 verder. Ik doe 30 baantjes. Dus begin bij de duimen. Eindig bij de pinkies.
    100 euro aan spullen is niet nodig voor zo een simpele sport als zwemmen.

  • Lala
    Beantwoorden

    Ik doe elke 5 banen een andere slag, en elke 3e van de 5 ook ( voor de variatie) . In het begin was 40 banen bijna niet te doen, inmiddels is het appeltje eitje en beschouw ik het als warming up.
    Ik gebruik ook een zwembandje, maar niet als leidend , meer voor de extra geheugensteun

  • Dave
    Beantwoorden

    Form goggles…. Workout,HF, banen tellen alles in je display van je zwembril

  • Sven Jensen
    Beantwoorden

    banen 1, 2, 6 en 7 doe ik crawl
    banen 3, 4, 5, 8, 9 en 10 doe ik schoolslag… door die variatie tel ik amper mis (99% correct ;))

    • Zwemanalyse
      Beantwoorden

      Handig, dan raak je de tel ook niet kwijt

  • RJ van der Woude
    Beantwoorden

    Elk 4e baantje borstcrawl….de overige schoolslag of rugcrawl….
    40 baantjes is bijna exact 40 minuten..
    Raak ik de tel even kwijt dan heb ik nog de tijd( kijk op de muurklok) om bij te stellen als het niet klopt….
    Gaat altijd goed zo….

  • Anja
    Beantwoorden

    Ik kan vrij goed inschatten hoeveel ik zwem, wellicht omdat ik al wat meters gemaakt je. In het zwembad. 1 e stuk 40 baantjes in ongeveer 25 minuten. Dan rust en nog 20. Meestal stop ik precies op 40. Voor de afwisseling zwem ik op vrijdag borstcrawl, op zondag heen school terug borstcrawl. Op maandag neem ik mijn swimmers en kickboard mee en is het oefentijd. Op woensdag techniekles om mijn slagen te verbeteren.

    • ZwemAnalyse.nl
      Beantwoorden

      Lekker bezig Anja, dat klinkt heel effectief!

  • Mas
    Beantwoorden

    Ik heb een kralentouw.daaraan 20 kralen elke 10 banen een kraal verplaatsen. 10 kralen is 100 banen.. super makkelijk en zelf te maken.

  • Fer Remmers
    Beantwoorden

    Zo tel ik m’n veertig baantjes.
    Een van 1, na het keerpunt: twee van 1, na het keerpunt: drie van 1, na het keerpunt vier van 1.
    Na het keerpunt: een van 2, na het keerpunt: twee van 2; drie van 2; vier van 2.
    Een van 3; twee van 3, enz. enz.
    Aan niets anders denken, steeds in gedachte herhalen tot je vier van 10 hebt gezwommen; 1 km.
    Soms ga ik door: een van 11, twee van 11, enz. enz.

    Baan een en drie zijn altijd in dezelfde richting; baan drie en vier öok.

  • Frank Rademakers
    Beantwoorden

    Wat is een goede en niet zo’n dure horloge om banen te tellen voor het zwemmen. In een zwembad?

Reacties

0